Bonaventure - The journey of the mind to God
'Als ik aan iemand het verschil tussen Bonaventura en Thomas zou moeten uitleggen, dan zou ik het volgende zeggen: ...'
Rond 2500 jaar geleden ontstond het logos-bewustzijn, waardoor ook het expliciete besef ontstond dat de mens permanent in een metaforische grot leeft. De werkelijkheid bovenaan de hiërarchische grot blijft voor ons verborgen; we zien slechts een lage afspiegeling ervan. Bonaventura beaamt dit probleem: de grot representeert de permanente tekortkoming in abstractie en categorisering waardoor ons geestesoog het werkelijke Zijn niet kan zien. Wat we zien is "een schaduw, een echo en een afbeelding van dat eerste, meest krachtige, wijze en perfecte Principe". Dit ware Zijn, bovenaan de hiërarchie, is als de zon bovenaan de grot van de afspiegeling, die de gevallen mens nooit in Zijn volheid zal kunnen vatten.
De scholastieke en mystieke tradities zijn de verschillende manieren om op het fundamentele probleem van de grot te reageren. De scholastieke traditie blijft in de grot en tracht de menselijke afspiegeling logisch en met de rede te ordenen. De afspiegeling omvat de dagelijkse ervaringswereld van de mens en alle verbale communicatie. Deze traditie is daarom belangrijk en vruchtbaar. Dit is de traditie van Aristoteles, die later in de scholastiek wordt ontwikkeld en waarin uiteindelijk Thomas wordt geprezen als Prins der Scholastici. Met pure logica en redenatie kan de gecategoriseerde ervaringswereld, en dus de menselijke afspiegeling van de werkelijkheid, geordend en in kaart gebracht worden, met God als abstract uitgangspunt bovenaan de hiërarchie. Denk aan de vruchtbare uiteenzetting van Thomas’ wet.
De mystieke traditie daarentegen tracht uit de grot te klimmen en de zon in haar essentie te beleven. Zo kan men, voor zover dat mogelijk is, extatisch contact met God ervaren. Beoefenaars van deze traditie, waaronder Plato en Bonaventura, zien de goddelijkheid in de werkelijkheid achter de menselijke categorisatie die voornamelijk beleefd moet worden. Met het oog van onze ziel zien we dat alles in de menselijke ervaring een spiegel is, door welke hij kan passeren naar de meest gezegende drie-eenheid die zichzelf in alles als een oneindige stroom continu en voor eeuwig openvouwt. Dit ontdekken is een levenswijze: oprecht gebed, deugdzaam leven, levenslange oefenen, bezinning en langdurige contemplatie zijn hiervoor noodzakelijk. Volgens Bonaventura kan men zo aan de drievoudige substantie van Christus participeren in de contemplatieve ervaring van de materie buiten ons, het begrip binnenin, en de Eeuwige Kunst boven ons. Hier realiseren we ons ook dat alle communicatie hierover een oneindige reductie is.
Zo roept de mystieke traditie ook de gelaagde poëtische beschrijvingen in haar teksten op die dienen als portalen waardoor de gesluierde werkelijkheid iets kan openen en God in Zijn volheid enigszins dieper ervaren kan worden.
Als laatste is de mystiek ook de reden waarom Plato in het Symposium niet enkel volstond met de mening van Sokrates. Sokrates zijn logisch uiteengezette mening was slechts het scholastische antwoord geweest. Hoewel op zichzelf ook vruchtbaar, had Plato hiermee niet de complexe en onuitputtelijke relatie van de Logos met de verschillende lagen van de werkelijkheid belicht. Zelfs Thomas zag aan het eind van zijn leven de afstand van zijn traditie tot God: hij besefte dat hij slechts stro geschreven had.