Winckelmann

‘Wat wil Winckelmann?’

In de kern wil Winckelmann zowel het individu als de samenleving oproepen om opnieuw actief te participeren aan het verheven schone ideaal van de mens zoals de oude Grieken dat deden. Er bestaat een verheven schoon ideaal in de werkelijkheid waarmee de mens in een relatie kan treden. In een samenleving zijn het inzicht in de tijdloze ideeën en de kunsten een reflectie van het niveau waarop de mens participeert aan het ideaal. De oude Grieken leefden deze participatie het diepst, waardoor hun verheven levenswijzen en kunsten cruciaal zijn voor studie.

Hoe komt men tot die participatie? Allereerst moet de gehele samenleving bepaalde kwaliteiten belichamen. De houding en uitdrukking van de cultuur moeten gericht zijn op verheven schoonheid, rust, sereniteit, grootsheid en eenvoud. In samenlevingen waar materiële welvaart belangrijker is dan morele kwaliteit, of waar de mens primair op geld is gericht, is dit ideaal bijvoorbeeld onmogelijk te belichamen. De ware ziel toont zich namelijk in eenvoud en rust, en zowel individu als samenleving moeten deze kwaliteiten belichamen.

Om de verheven vormen in kunst te kunnen uitdrukken, moet ook de kunstenaar aan de verhevenheid participeren. Daarom is een uiterst geleerde kunstenaar-filosoof nodig, een persoon met een schone ziel en een mooi lichaam, die met zijn geest aan de verheven vormen kan participeren. Alleen zo kan een wijze individu in een actieve en pure relatie treden met het schone in de werkelijkheid en het ware ideaal, dat de ouden al leefden, herontdekken.

Wat is dit ideaal precies? De werkelijkheid is op verheven wijze bezield. Deze edele ziel is het ideaal en is veel hoger dan wat de schone natuur zelf voort kan brengen. De schone natuur vormt weliswaar de basis voor verheven schoonheid, maar deze moet worden gedestilleerd uit het fysieke schone en op verheven wijze worden uitgedrukt in de levenswijze en kunst. Op deze manier kunnen tijdloze en universele ideeën en idealen, zoals deugdzaamheid, wijsheid, kracht en liefde, worden verbeeld – voornamelijk op allegorische wijze. Wanneer deze verhevenheid wordt uitgedrukt in beeldende kunst, laat zij geen drama of expressieve beweging zien, maar "edele eenvoud en stille grootsheid". 

Deze kunst biedt de aanschouwer de mogelijkheid om in relatie te treden met het verheven ideaal. Dit is echter niet eenvoudig, omdat een basisniveau van participerende kennis nodig is om deze idealen in een kunstwerk waar te nemen. Bij de moderne mens ontbreekt het vaak aan deze diepgang, omdat wij weinig participerende toegang meer hebben tot de verheven ideeën.

Het ideaal is bovendien geen statisch of onveranderlijk idee, maar iets bezields waaraan de mens en samenleving actief moeten deelnemen. Deze bezieling bestaat uit serene, universele en tijdloze vormen die diep verankerd zijn in de werkelijkheid en die tot uitdrukking komen in de harmonieuze balans tussen de schone fysieke natuur en de verheven ideeën. De kunsten, cultuur en de levensstijl van de mens worden dan gekarakteriseerd door een tijdloze innerlijke eenvoud en spirituele diepte zoals de oude Grieken deze lieten zien. In de kern wil Winckelmann deze geest nieuw leven inblazen.

Vorige
Vorige

Groen van Prinsterer - Ongeloof en Revolutie

Volgende
Volgende

Montesquieu - Over de Geest van de Wetten